 |  |
"Een pijl in het Niet" auteur : Jotie T'Hooft (foto) uitgever : Houtekiet, Antwerpen/Amsterdam 320 blz., € 15,00 ISBN 90 5240 880 7 www.houtekiet.com
|
 |
Jotie schoot als een vuurpijl naar boven en doofde even snel als hij geschitterd had. Willem M. Roggeman schetste in 1977 de carrière van dit wonderkind als volgt: "Amper 20 jaar heeft Jotie T'Hooft reeds twee fel opgemerkte dichtbundels uitgegeven, 'Schreeuwlandschap' en 'Junkieverdriet'. Voor het manuscript van zijn tweede bundel ontving hij onlangs in Nederland een van de befaamdste literaire prijzen, de Reina Prinsen Geerligsprijs. Hij is de tweede Vlaming die deze eer te beurt valt."
Het boek biedt een selectie uit de nagelaten brieven, verhalen, dagboekbladzijden, artikels, interviews en recensies. Ze staan chronologisch gerangschikt vanaf 1969 tot 1977 het jaar waarin de dichter zijn fatale beslissing nam. Het grootste deel van het tekstmateriaal is nagenoeg onvindbaar of nooit gepubliceerd. Ook een aantal ontroerende foto's worden voor het eerst afgedrukt.
Het werpt een blik op de explosieve, inwendige samenstelling van de auteur en tekent een sfeerbeeld van de jaren zeventig. Het spreekt vanzelf dat de prozastukjes uit de beginjaren niet meer dan het niveau van een schoolopstel halen, met hier en daar een knap beeld en veel tics à la Ben Klein. Vanaf zijn zeventiende schrijft hij echter overtuigende dingen in proza en gedicht. Je leert zijn lievelingsplaten kennen, de auteurs die hem aanspreken en dan bewolken de foto's van dit jongensgezicht en duikt de obsessie voor de dood op.
Hij zwerft tussen bewustzijnsverruiming en injectienaalden. Ook de jeugdrechter kan hem niet tot betere gevoelens brengen. Hij gaat op zoek naar zin bij Jehova, Christus, Gurdjeff, Krishna, Oshawa en andere bazuinblazers. "De mystiek-filosofische schets en het stoned gelul willen me niet zo best meer lukken en voor het acteren van een warme menselijke toon heb ik geen zin." (1975) . Hij wordt nachtwaker, huwt met Ingrid, zoekt weer de drugs op:"Ik begon voor de tweede maal in mijn leven zelfmoordplannen te koesteren." Het vervolg is bekend. Als afscheidsgroet, een van Joties laatste gedichten:
Een brief
Lieve dood, ik weet dat gij niet lief zijt maar als handwerkman uw dagen slijt. Ik heb u geschreven om uw komst te vragen maar het lijkt enkel uw komst te vertragen.
Ik geloof niet dat ik gered kan worden, doodjelief en als het kon wou ik het niet: eens een dief altijd een dief. Ik heb geen berouw over gestolen harten noch over de vlammen veroorzaakt voor verwarming
die verbrandden wie er zijn handen naar strekte. Lieve dood, ik neem afscheid van jou in de koorts in het ochtendlicht, in de maandag die mij wekte en diep in mij weet ik: wat ik blindelings volg
is uw toorts.
Geen commentaar, geen geleuter over de "autonomie" van het gedicht. Bij dit stuk met bloed geschreven word je stil: dat zegt genoeg.
De lezer moet zelf maar uitmaken of Jotie nog verder leeft in zijn geschriften en of zijn levensstijl en dood vergelijkbaar zijn met deze van internationale cultfiguren als Janis Joplin, Jim Morrison of Kurt Cobain.
Mark Meekers
|
|
 |  |